Jong leven

Op mijn fietstochtje naar de tuin kom ik langs allemaal plekjes met jong leven. Vroeg in het voorjaar zag ik steeds meer lammetjes verschijnen, wit en bruin. Een zwaan zit druk te broeden en doet voorbijgangers regelmatig even stilstaan. Bij het water halen voor de tuin, uit de sloot, sprong er haastig een moedereend met drie kleintjes van de wal af. Op nog geen meter afstand zwommen ze haastig naar een veiliger plekje. En tussen het hoge gras en riet langs de slootwal kan ik soms net een lichte moedereend ontwaren met donzige gele kuikentjes. Inmiddels zijn ze al drie keer zo groot en heb ik ze gefotografeerd. En zo ontdekte ik dat er één vreemde eend in de bijt zit. Of zijn er drie bijzondere eendjes? 

Na de bloei

Afgelopen winter zijn er twee fruitbomen verhuisd van mijn oude tuin naar mijn nieuwe tuin. Met het begin van het voorjaar kon ik al zien dat ze goed aangeslagen waren. Overal gingen groene knoppen open en kwamen er weer nieuwe blaadjes tevoorschijn. Beide bomen hebben gebloeid en inmiddels is ook daar het resultaat van zichtbaar. Talloze mini-vruchtjes hangen er aan de takken. Er zal nog heel wat af vallen, met name in juni komt er nog een rui. Maar duidelijk is dat er potentie in de bomen zit en dat de verhuizing goed gegaan is. Op de foto’s zien jullie links de pruimenboom en rechts de appelboom.

Tweede laag

Met al dat mooie weer van de laatste tijd is het goed om ook stil te staan bij de regendagen.  Daarom ben ik gister weer bezig geweest met het waterdicht maken van de kist. Het smeren van de rubberseal heeft de vorige keer een heleboel verbetering gebracht. Aangezien ik toen niet genoeg van het witte doek had (dat als overbrugging gebruikt kan worden bij dikke kieren) heb ik maar twee van de vier kieren grondig kunnen dichten. Het waren tevens ook de grootste kieren en na een dag met héél veel regen lag er toch maar een klein beetje water in de kist. Als het goed is, is ook dat laatste beetje lekkage na gister verholpen. Met alle slakkenkorrels, mestkorrels, kalkkorrels en andere vochtgevoelige producten in de kist is het ook wel belangrijk. Vandaag heeft het weer geregend dus de volgende keer dat ik op de tuin ben kan ik het resultaat weer bekijken.

Opbouwen

Getrouwd en verhuisd. Een nieuwe levensfase om weer wat op te bouwen. Zo ook met de tuin waar ik nu makkelijk even langs kan gaan. Niet meer afhankelijk van de weekenden in combinatie met goed weer en een rustige agenda. Nee, even ’s avonds erheen fietsen om water te geven en nog een plantje in de tuin te planten. Ik kan aan de tuin merken dat ik er wat meer kom. Afgelopen week legde ik dan eindelijk een mooi paadje aan. Een opvallend stukje rechtlijnigheid in de chaos van de tuin. Het is nog maar het begin maar het geeft zowaar al een beetje structuur. Er is eindelijk een vak waarvan duidelijk is hoe groot het is. Gister zette ik daar de bonenstaken voor de kapucijners neer zodat ik binnenkort kan gaan zaaien. Het kan nog tot half mei, nog net dus 😉

De kist is na de behandeling met de rubber seal een stuk beter bestand tegen water. Ik zal de behandeling nog eens herhalen met wat extra beschermingsmateriaal (daar was de vorige keer niet genoeg van) en dan hoop ik op een droge kist. Dat is nu ook hard nodig want er staan steeds meer spullen in. Het is er zowaar zo vol dat ik bij het weggaan eerst de kist weer efficiënt moet inpakken voor de klep dicht kan. Maar het komt allemaal wel. Stukje bij beetje opbouwen.

Rubber seal

De tuinkist die ik vorig jaar heb gekregen blijkt niet waterdicht te zijn. We hebben al een paar keer gekit maar helaas, er bleef lekkage. Ik hield er al enige rekening mee door er nog niet teveel kwetsbare spullen in te bewaren. En wat er toch lag en niet nat mocht worden deed ik in een goed afgesloten bakje. Misschien niet helemaal waterdicht maar tegen druppen zeker wel bestand. Helaas… laatst kwam ik erachter dat het spatwaterdichte bakje met kwetsbare spullen juist tot de rand toe vol bleek te staan met water! Wat dáárin zat kon ik grotendeels weggooien. Overigens viel het verder wel mee met het water in de kist, aan de onderkant zitten genoeg kieren om het vocht in ieder geval weer af te voeren.

Het werd hoog tijd om wat aan deze lekkage te doen. We hadden rubber seal aangeschaft en op een bloedhete woensdagmiddag ging ik in de tuin bezig met het smeren van dit goedje. Met droog weer is het natuurlijk ideaal om zo’n klusje te doen, hoewel, het rubber droogde terwijl je er naar keek. Inmiddels is het twee weken later en komende week hoop ik te ontdekken dat de kist prachtig waterdicht is. Maar dat is nog eventjes afwachten. Vannacht gaat het waarschijnlijk verschrikkelijk hard regenen, de ultieme test. Mocht het gelukt zijn dan kunnen eindelijk alle tuinspullen naar de tuin, dat scheelt weer ruimte in ons kleine huisje.

Kamille thee

Vorig jaar had ik op mijn balkon een aantal kamilleplantjes. Met enig regelmaat haalde ik de uitgebloeide knopjes eruit om deze in een oude panty te drogen. Als ik iets ga drogen (of het nu boontjes zijn of kruiden) dan doe ik dat zeer grondig. Ik geef ze rúim de tijd om goed hélemaal te drogen. Dat heeft een reden, namelijk de luiheid van het verwerken. Zo heeft de peterselie zolang te drogen gehangen dat de nieuwe peterselie alweer in de bloembak groeit. De boontjes staan nog steeds gedroogd te sier (wanneer zal ik daar eens een geschikt recept voor zoeken?) en de kamille heeft langdurig in de panty gehangen.

Maar goed, met verhuizen sla je weleens aan het opruimen en zo nam ik me voor om kamillethee te gaan drinken. Het is zowaar ook nog méér dan een keer gelukt. Hoe het smaakte? De smaak was heel subtiel, ik wist eigenlijk niet hoeveel kamille ik voor één kopje thee moest gebruiken. De geur was echter verrukkelijk! “Verse” kamillethee (hoe kan een halfjaar gedroogde kamille nog vers zijn?) heeft een heerlijk aroma en je zou de kop thee onder je neus houden tot de geur niet meer te ruiken is. Dan is de thee echter ook koud en dat is natuurlijk wel jammer. Een mooie balans is eerst genieten van de heerlijke geur en wachten tot de thee op exact de minimaal drinktemperatuur is en dan snel opdrinken. Of iets meer kamille gebruiken bij het zetten zodat ook de smaak verrukkelijk is.

Misschien komt het er dit jaar trouwens niet van om kamille te zaaien, in dat geval is het maar goed dat ik het nog niet allemaal opgemaakt heb 😉

Zaaien en afwachten

Nu ik met grote tussenpozen op de tuin kom gaat het zaaien natuurlijk wat lastig. Dit jaar heb ik dan ook het motto: alles wat lukt is mooi meegenomen. En verder koop ik gewoon wat voorgekweekte plantjes in een tuincentrum. Maar eerst zelf proberen doe ik natuurlijk wel. Zo heb ik in maart (te vroeg) en half april wat rijtjes wortels gezaaid. ‘Bij droog weer elke dag water geven,’ stond er achter op het zakje. Tsja… dat is nou nét niet mogelijk. Gelukkig kwam de regen vanzelf vorige week. En wie weet lukt het om deze week nog eens langs te gaan met een gieter. Mocht het niet lukken: zonder zaaien was het sowieso niet gelukt, dus dan zaai ik gewoon nog een keer.

Een rijtje prei kwam ernaast, dat moet zichzelf ook maar even redden. Vervolgens ben ik in mijn bakje met zaden gaan zoeken naar de zaden die niet meer in mei gezaaid konden worden. De doperwten kunnen tot half mei. Daar heb ik ook maar even een rijtje van gezaaid. Een vliesdoek moet de ontkiemende erwtjes beschermen tegen de vogels die er smakelijke rupsjes in zien. Het gaaswerk kan later er nog wel naast gezet worden. En zo heb ik in één middagje toch nog een mooie start kunnen maken. Het voelde goed en ik ging voldaan naar huis.

 

Dagje mooi weer

Het is alweer even geleden dat ik in mijn tuin aan het werk was. Om precies te zijn: 7 april. Eindelijk een dag met mooi weer én tijd. En ik was ook nog eens in mijn nieuwe bijna-woonplaats. Er zijn momenteel wel wat veel factoren die goed moeten zijn om te kunnen tuinieren. Maar dat is nog maar even en dan kan ik eindelijk zo vaak ik wil aan de slag in mijn eigen stukje grond.

Voordat de foto’s op mijn laptop stonden was nóg eens zoveel factoren die moesten samenvallen. Dat heb je als de helft al verhuisd is en de andere helft nog niet 😉 Maar nu kan ik jullie eindelijk laten zien hoe mijn tuin er momenteel uitziet.

Ik werd warm verwelkomd door een randje bloeiende narcissen vooraan in de tuin. Halverwege de tuin bloeiden wat blauwe druifjes, achter de kist nog wat narcissen en helemaal achterin de tuin bloeide van allebei wat. Tulpen komen her en der boven de grond en verder zijn het de vaste planten die de aandacht vragen.

De rozenstruik loopt alweer volop uit en kleurt donkerrood door de nieuwe blaadjes. Van de appelboom zijn de eerste blaadjes ook al zichtbaar en nu, een week later, zal het wel een mooie groene waas hebben.

De pioenroos moest ik nog uit de pot in de aarde zetten terwijl de eerste knoppen al boven de grond waren. Het lijkt erop dat dit goed gegaan is, maar het is altijd even afwachten. O, en de rabarber groeit natuurlijk ook alweer als een malle. Daar zou je in deze tijd van het jaar toch zo een camera op zetten.

Zo is er zo vroeg in het jaar alweer van alles te ontdekken in de tuin, terwijl het zaaien nog moet beginnen. En dat terwijl ik er nog niets voor hoefde te doen.

Oud & nieuw

Vanmiddag at ik de laatste cherrytomaatjes ‘Sungold’ van ‘vorig jaar’. Weliswaar waren de tomaatjes nog niet zo oud, maar de plant was wél van vorig jaar. Inmiddels is de plant weggegooid omdat deze teveel last had van luis en er inmiddels toch wat zielig uit begon te zien. Ik had een aantal takjes gestekt en in water gezet. Zo langzamerhand waren de kleine plantjes hard toe aan vaste grond rondom hun wortels. Dus ging ik vanavond aan de slag om in hun wensen te voorzien. Drie tomatenplantjes van… ja, vorig jaar. 🙂 Ik zal ze voorlopig goed in de gaten moeten houden, ze zijn erg kwetsbaar (juist bij de overgang van vaas naar potgrond) en zullen nóg sneller last hebben van luis. Waar ik ze vanuit de vaas nog makkelijk even kon afspoelen onder de kraan, zal ik ze nu met groene zeep moeten bespuiten. En dat is toch wat minder effectief dan de luizen wegspoelen is mijn ervaring.

Inmiddels komt de nieuwe lading tomatenplantjes ook flink op gang. Het zal niet lang meer duren voor de eerste tegen de kap van de bak aankomt (niet op de foto). Heerlijk om weer van groeiende plantjes te kunnen genieten!

 

Versiering

Zo nu en dan heb ik een potje met kiemgroenten op het aanrecht staan. Tweemaal daags spoel ik ze om met water en na een week of twee kan ik de knapperige kiemen eten. Op brood of door de sla, heel soms komt er wat op de soep. Momenteel zit er bietenzaad in het potje. Van het zaaien in de tuin weet ik dat er uit één bietenzaadje meerdere plantjes groeien en jahoor, ook bij het kiemen is dit te merken. Gister zag ik toevallig zo’n zaadje zitten waar tegelijkertijd twee kiemen uit groeiden.

In tegenstelling tot de alfalfa of de radijs, ontkiemen de bietenzaadjes maar langzaam en ongelijk. Na twee weken had ik er net een paar om de sla mee te versieren. En waar de eerste kiemen al anderhalve week geleden opgegeten zijn, moeten de laatste nog beginnen. Niet zo praktisch, helemaal niet omdat er meerdere uit één zaadje komen. Zo nu en dan vis ik er maar gewoon wat uit, stop de zaadjes weer terug en ga geduldig verder met tweemaal daags spoelen.

De smaak is niet duidelijk. Waar rode bieten heel zoet kunnen zijn, is er bij de kiemen weinig van te merken. Wat een verschil met de radijskiemen. Die smaken nog sterker dan de radijs zelf. Toch hebben de bietenkiemen wel wat leuks, ze zijn namelijk ideaal voor het versieren van het eten. Na het mengen van de sla even een tiental bietenkiemen erop, de rode sliertjes vallen goed op. Of als garnering op het bord, samen met wat schijfjes komkommer. (Vooral leuk als je bezoek hebt.) Maar of ik nog vaak de bietenkiemen zal kiezen… Daarvoor duurt het me denk ik wat te lang en heb ik er te weinig tegelijk.