Fruithoek

Toen ik enkele jaren geleden deze volkstuin kreeg, wist ik dat ik alle fruitstruiken bij elkaar wilde hebben staan. Na een jaar kwam de verhuizing van mijn oude volkstuin naar de huidige tuin en ik heb geprobeerd de fruitstruiken meteen zo goed mogelijk neer te zetten. Niet alle planten hebben de verhuizing overleefd. De framboos moest te lang wachten voor het in de houten bak kon staan en verdroogde in zijn kleine emmertje. Bij de braam ging het net zo en die kan toch echt wel wat hebben.

De druivenstruiken hadden we wel meteen in de tuin gezet, maar toen de pergola af was bleek de ene struik toch niet op de goede plek te staan. Het scheelde maar een klein stukje maar ik kon niet meer bij de composthoop komen. Bovendien kwam de struik zo te ver buiten het bereik van het net dat ik wilde spannen. En dus moest de struik al snel weer verplaatst worden.

Inmiddels heeft alles zijn plekje gevonden en het lijkt erop dat het zo kan blijven staan. Een constructie van pvc-buizen en een net zorgt voor een effectieve bescherming tegen de vogels. Met zo’n groot net kun je er ook makkelijk onder. Na de klus geen gepruts met het dichten van gaten die overal weer tevoorschijn piepen, maar gewoon het net strak trekken en met haringen vastzetten. Ik ben er erg blij mee.

De bessenstruik hangt helemaal vol en geen vogel die er aan komt. Ik heb al een paar bakjes kunnen oogsten en er is nog genoeg.

De nieuwe braam groeit ook lekker en ik kan dit jaar al een eerste (kleine) oogst verwachten. Ook de nieuwe framboos is aangeslagen (al is er één van de drie dood gegaan) en er groeien een paar frambozen aan. Op de echte oogst zal ik wat langer moeten wachten.

Verder heb ik dit voorjaar nog een kruisbes gekocht en een witte bes. Beide struikjes zijn nog veel te klein om oogst te kunnen geven, maar ze zijn tenminste begonnen met groeien. En dat zegt wat, want met water geven denk ik er meestal niet aan om ook in de fruithoek wat te geven. Blijkbaar hebben ze toch genoeg gehad.

Afgelopen week heb ik de druivenstruik gesnoeid. De lange uitlopers knipte ik af en de kleinste trosjes ook. Voor het eerst heb ik aan de witte druif trosjes zitten, al zijn de druifjes nog erg klein. Andere jaren had de druif erg last van ziekte, maar dat heb ik dit jaar regelmatig behandeld en het heeft effect.

De blauwe druif heeft, in tegenstelling tot alle andere jaren, maar een schamele oogst in het verschiet. Het zal wel komen door het verplaatsen. Bovendien heeft nu de blauwe druif wat last van ziekte. Dat werkt natuurlijk ook niet mee.

Broccoli

Dit jaar heb ik wat koolplantjes (rode kool en broccoli) gekocht. Door de drukte van het verhuizen vond ik dat wel makkelijk en zo hadden mijn koolplanten ook al een mooie voorsprong.

Van de vijf broccoli planten kon ik er eentje al heel snel oogsten. Met het warme weer zag ik plots dat deze al begon met doorschieten. Hó! Dat is niet de bedoeling! Het was een ieniemini broccoli. Thuis legde ik ‘m op de weegschaal en het kwam niet verder dan 50 gram. Ai…

Een paar dagen later kwam ik erachter dat het plantje gewoon pech had gehad. Waarschijnlijk heeft het teveel op het randje van het net gestaan en heeft het samengetrokken net daar teveel licht weggenomen. De plant was een heel stuk kleiner dan de rest. Pfieuw, gelukkig zag de rest er beter uit! Inmiddels heb ik de rest van de broccoli ook geoogst. Vier stuks, prachtige exemplaren die niet onderdeden voor de exemplaren uit de supermarkt. Behalve dan dat de smaak bijzonder goed was. De normaal zo taaie schil om de stronk kon ik er bijna aftrekken, zo dun was die. En de stronk die ik had meegekookt was bijna zoet en zacht van smaak. Wauw! Dus dát is het verschil als je zelf broccoli teelt…

Aan het begin van het tuinseizoen heb ik verteld dat ik dit jaar de koolplanten anders in de tuin ging zetten. Alle plantjes heb ik in een bloempotje met potgrond gezet en dit potje heb ik ingegraven. Het is een normaal bloempotje van zo’n 15 cm doorsnee en ik heb de bodem er gewoon in laten zitten. Ik had hier eens over gelezen en wilde weten of mijn koolplanten zo groter werden. Aangezien er op een volkstuincomplex vaak wel iets van knolvoet in de grond zit, zou het een goede oplossing zijn. Door de koolplant zijn eigen (schone) aarde te geven in een apart potje krijgt de knolvoet weinig kans. En ja hoor, dit jaar zijn mijn koolplanten mooi groot, fors en ze zien er gezond uit. Het is een makkelijke oplossing voor een lastig virus. Een aanrader!

Update II

In mijn volkstuin groeien natuurlijk niet alleen maar mooie bloemen, al zou je het soms denken. Tussen de uit de kluiten gewassen Acanthus, de rijkelijk uitgezaaide phacelia, de vele papaver en de explosief groeiende anjers, groeien ook nog ergens wat groenten. En deze groeien minstens zo hard als de bloemen, zo niet nóg harder.

De wortels staan in mooie rijtjes naast de prei. Hoewel de meeste wortels er goed uitzien, lijkt de rode soort het dit jaar nog slechter te doen dan vorig jaar. Het zal wel erg gevoelig zijn voor warmte en droogte want de één na de ander schiet in bloei.

Een paar preiplantjes die ik in het voorjaar heb gekocht om de oogst te spreiden zijn klaar om geoogst te worden. Grote planten, dacht ik. Tot ik er eentje uittrok en ontdekte dat ik ze vergeten ben te ‘zetten’. De onderkant van de schacht is bijna niet wit omdat er maar een paar centimeter onder de grond heeft gezeten. O ja… 😀 Ach, de prei was groot genoeg. Binnenkort de nieuwe, jonge planten maar eens met de pootstok in de grond zetten.

De tomatenplanten groeien goed, ik moet regelmatig dieven. In één week heb ik zo een dief van 20 cm. Dat gaat wel snel met dit weer.

De bonen moest ik tussen het onkruid vandaan vissen en hadden een achterstand opgelopen. Wat wil je ook als het onkruid ze boven de pet groeit. Gelukkig staan ze nu weer vrij, volop in de zon en groeien ze lekker hard. Een paar planten zijn doodgegaan of het zaad is niet opgekomen. Tsja, het was even in een drukke periode. Ik heb er nog wat bij gezaaid en er is best kans dat die boontjes de achterstand wel weer inlopen.

De andijvie is inmiddels op. Drie mooie, dikke kroppen andijvie, mooi na elkaar klaar. Ik heb alweer nieuwe gezaaid en deze plantjes zijn nu zo’n 7 cm.

Aan de kapucijners heb ik dit jaar weinig gedaan. Tegen de tijd dat ik aandacht aan ze wilde besteden waren de eersten al rijp voor de oogst. We hebben er al een paar keer van gegeten en de laatsten zitten in de vriezer. Ik vermoed dat er van mijn oude, zelf gevangen zaad, toch wat opgekomen is en dat daar doperwten tussen hebben gezeten. Tsja, als het zaad eenmaal gedroogd is zie ik het verschil niet meer zo goed. Tussen de paarse kapucijners groeiden groene peulen: doperwten. En er groeiden paarsgroene peulen: dopcijners. Of kaperwten.

De eerste courgetteplant begint courgettes te produceren. We hebben er al twee op en er zaten alweer genoeg nieuwe aan. De andere courgetteplant is nog niet zover. Met het zaaien was er de eerste keer maar eentje opgekomen. De twee die ik erna zaaide kwamen allebei op. Gelukkig kon ik er een andere tuinder blij mee maken. Eén plantje slijten is makkelijker dan 30 courgettes 😉

Het is maar goed ook dat er weer courgettes zijn. De zoetzuur die ik er van maak is bij ons favoriet en inmiddels is de voorraad van vorig jaar bijna op. Waarschijnlijk komt het precies uit.

Als laatste nog even over de rabarber. Want ó, wat heb ik daar dit jaar veel oogst van! Ik geloof dat ik de 15 kilo wel haal. Ik gaf dan ook graag wat weg (1/3 van de vriezer zit nu vol rabarber) en gelukkig zijn er altijd wel liefhebbers voor. Aan het eind van het tuinjaar zal ik ook wat planten eruit halen, de eerste liefhebber heeft zich al gemeld.

Update I

De tuin staat er goed bij. Het is weliswaar droog, maar met een sloot in de buurt is er voorlopig genoeg water voor handen om de kwetsbare planten van wat extra water te voorzien. Met weinig regen is er minder onkruid en dat scheelt in het bijhouden van de tuin. De rest groeit fantastisch en ik weet niet eens waar ik moet beginnen met vertellen.

De vaste planten staan volop in bloei. Zo heb ik al enkele jaren een Acanthus en dit jaar bloeit deze voor het eerst. Ik heb de plant nogal vaak moeten verplaatsen en daardoor bleef de bloei uit. Nu staat het voor het tweede jaar achter elkaar op dezelfde plek en ik word beloond met een uitbundige bloei. De laatste keer dat ik telde zater er 14 of 15 knoppen in. Wat een bloei zeg!

De anjers bloeien niet alleen heel uitbundig, ze groeien ook heel hard. Voor de tweede keer dit jaar moest ik de boel bijeen binden om nog over het paadje ernaast te kunnen lopen. Ik heb er maar flink wat vanaf geknipt zodat ik er thuis ook van heb kunnen genieten.

Overal in de tuin groeit papaver. Ik vind de bloemen prachtig en de bijen vinden dat ook. Het zoemt er aan één stuk door. Zijn de bloemen uitgebloeid dan verschijnt er een mooie zaaddoos. Leuk om te drogen. Zo kan ik in de wintermaanden ook nog wat te sier zetten uit eigen tuin.

Bezoek

We zijn verhuisd. Na een boel voorbereiding is het dan zover en inmiddels wonen we in een nieuw huis met een tuin. Nog vol tegels, maar dat zal in de toekomst wel veranderen.

Op ons balkonnetje in het oude huis hadden we de vogels eindelijk zover dat ze bij ons eten kwamen halen. De dagen voor de verhuizing was het druk met mussen die broodkruimels kwamen snoepen. Het was er zelfs zó druk dat we meerdere keren per dag wel het schaaltje konden aanvullen. Of het goed is voor vogels als ze voornamelijk broodkruimels krijgen weet ik niet, maar voor die korte tijd kon het geen kwaad. Voornamelijk een mannetjesmus kwam eten halen, maar met enig regelmaat kwam er ook een vrouwtje met een jonkie mee. Kwetterend om eten zat de jonge mus naast het schaaltje brood, te bibberen met z’n vleugeltjes, roepend om eten. Pa en ma stopten eten in z’n bekje, dat zo recht voor z’n neus van het schaaltje kwam.

De avond voor de verhuizing stond de balkondeur wagenwijd open om de boel wat af te koelen. Mannetjesmus zocht weer wat broodkruimels en stapte parmantig de kamer binnen. Ho, dat is niet de bedoeling! Ik zag het al gebeuren: de vogel wil terug, fladdert tegen het raam, raakt in paniek en voor je het weet heb je een vogel wild rondfladderend tegen elk raam dat ‘ie tegenkomt. Gelukkig, dat viel mee. De mus hipte zo weer terug het balkon op. Daar waren toch meer kruimeltjes te vinden dan op het kale laminaat.

De ochtend van de verhuizing braken de mussen een record: ik legde de laatste broodkruimels op het schaaltje en binnen een minuut zat mannetjesmus alweer te snoepen. Voor het schaaltje verhuisd werd was ‘ie leeg.

Ze zullen wel verdwaasd rondgehipt hebben op het balkonnetje, de dag na onze verhuizing. Her en der lagen nog verloren broodkruimels waar ze van konden eten. Verder moesten ze op zoek naar een nieuwe voederplaats.

Op ons nieuwe adres zijn ook genoeg mussen en ze weten onze tuin al te vinden. Ze hippen wat rond en pikken her en der wat eten van de tegels. De broodkruimels die ik gister voor ze uitgestrooid heb, heeft ze echter niet bereikt. De logeerhond heeft ze smakelijk zitten oplikken.

Storm

Het heeft deze week verschillende keren flink gestormd. Op een nacht ging het flink tekeer. We werden er allebei wakker van. Terwijl mijn man een raam ging dichtdoen probeerde ik weer in slaap te vallen. Met de regen tikkend op het dak lukte dat aardig, ik was al bijna weer vertrokken.

Plots drong het tot me door dat mijn voorgezaaide plantjes nog op het balkon stonden. Ik vloog meteen overeind, rende door de gang, door de kamer en langs mijn verbaasde man naar het balkon, roepend: ‘Mijn plantjes!’

Midden in de hoosbui haalde ik snel mijn plantjes binnen. Pfieuw. Gered. Even later sliep ik weer.

Pioenrozen

Het stormde en ik had verwacht dat mijn pioenrozen weer het onderspit moesten delven. Vaak komt er wel een keer een stortbui in de (korte) bloeitijd van mijn pioenroos. Maar dit keer had ik geluk! De bloemen waren al ver open maar niet kapot geslagen door de regen. Ik heb snel zo’n 5 stengels afgesneden en nu geniet ik er thuis van. Met deze drie stengels in één vaas lijkt het al een complete bos.

Hommels

Momenteel groeien er in mijn volkstuin een heleboel bijenplanten: de phacelia (Nederlandse naam is bijenvoer) zaait zich elk jaar uit en aangezien ik het gebruik als groenbemester laat ik het altijd zo lang mogelijk staan. Het groeit behoorlijk snel met dit weer en inmiddels begin ik last te krijgen van de grote planten. Ik wilde zaaien en moest eerst een heel stuk grond leeghalen dat bomvol stond met phacelia. Ook tussen de fruitstruiken groeit het welig. Het groeit zó goed dat ik de kruisbes en witte bes niet meer kan zien staan. Tijd om op te ruimen.

Het lukt me niet. Ik hoef maar eventjes in de buurt van deze grote bijenplanten te staan om te zien dat de phacelia zeer druk bezocht wordt. Tientallen hommels en andere insecten vliegen van bloem naar bloem, het is één grote bewegende massa. Die hommels waar het niet zo goed mee gaat en die wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Het is een prachtig gezicht om dan zoveel van deze kwetsbare insectengroep te zien rondvliegen in mijn kleine stukje tuin. En dus blijft de phacelia weer staan. Ze staan enorm in de weg voor de andere planten, maar zorgen voor een paradijs voor vele hommels.

Overigens heb ik wel wat planten weg kunnen halen. Het paadje is weer phacelia-vrij en de planten heb ik in stukjes gescheurd om deze vervolgens te verspreiden over de tuin. De planten kunnen rustig verteren en zorgen zo voor humus in de aarde. En ondertussen valt er weer zaad in de bodem dat volgend jaar weer voer voor de bijen brengt.

Bonen

Het plekje voor de bonen had ik al bedacht. Het moest alleen nog onkruid vrij. Het voordeel van een droog voorjaar is dat er weinig onkruid groeit zolang je er geen water geeft. Het nadeel is dat je er dus minder mee bezig bent en de plantjes die wél groeien dus flink groot worden. Het leek een hele groene bedoening, daar in mijn ‘voortuin’. Maar een uurtje flink doorwerken zorgde al voor een prachtig resultaat.

Een paar dagen later had ik tijd om te zaaien. De bonenstaken werden van onder de kist vandaan gehaald en met tiewraps vast gemaakt. Vorig jaar heb ik de soort ‘Cobra’ als sperziebonen geteeld en die soort bevalt me erg goed. Lekkere lange sperziebonen, knapperig, geen draad en lang houdbaar. O, en de opbrengst per plant is ook groot. Alle reden om dus weer Cobra te zaaien.

Met de grote opbrengst per plant heb ik aan mijn 24 plantjes méér dan genoeg. In mijn omgeving zijn wel een aantal mensen die graag eens wat mee eten uit de moestuin dus ik raak het wel weer kwijt. Nu ik dit echter opschrijf, vraag ik me af of 24 plantjes niet wat teveel van het goede is…

Ernaast staan ook nog 6 stokken met de ‘Wâldbeantjes’. Een fries bonensoort waar ik bruine droogbonen uit wil halen. Lekker voor in de wraps.

Aan de slag

Met het opkomen van al het zaaigoed, komt er natuurlijk ook onkruid op. Met name op de plekken waar ik regelmatig water geef gedijdt het onkruid goed. Als ik op de tuin bezig ben ben ik altijd wel even aan het onkruid trekken, al is het maar even de grootste plantjes in het voorbijgaan. Ik probeer het vooral vóór te zijn dat het onkruid gaat bloeien, al lukt dat lang niet altijd.

Zo nu en dan trek ik er een middag voor uit om alleen onkruid weg te halen. Met twee flinke emmers, een matje, een schepje en handschoenen ga ik dan lekker aan de slag. Zoals die keer dat ik onder het zeil op zoek ging naar mijn plantjes. Ik had zonnebloem, afrikaantjes, dille, kamille en andijvie gezaaid. Regelmatig gaf ik het stukje water. Er kwam van alles op en het onkruid groeide het hardst van allemaal. Ik moet zeggen dat ik mijzelf al begon af te vragen wat ik nu precies aan het water geven was. Tijd om de boel op te schonen!

Het gaf veel voldoening. Er blijken prachtige kropjes andijvie te staan en een heel rijtje afrikaantjes en dille. De kamille lijkt niet te zijn opgekomen en van de zonnebloemen is er denk ik ook maar ééntje. Al staan er een paar plantjes tussen waarvan ik niet zeker weet of het ook een zonnebloem kan worden. Vooruit, die mogen nog even blijven staan.

In het hoekje (net niet te zien op de foto’s) groeit ook een gladiool onder het zeil. Tsja… waar die bollen precies in de grond zaten wist ik niet. Deze heeft het dan lekker warm zo onder het zeil.