Eerste zaadjes

Als ik naar de tuin ga neem ik vrijwel altijd mijn fototoestel mee. In de tuin bedenk ik soms al wat ik op mijn blog ga zetten en maak er vast een foto voor. Maar ach, thuis raken de foto’s wel eens in de vergetelheid. Met al die regenbuien van laatst kwam er weinig van tuinieren terecht en bedacht ik ook geen nieuwe blogstukjes. Tot ik laatst een blogstukje schreef over de gezaaide doperwten. Tussen alle foto’s kwam ik onderstaande foto tegen.

Een belangrijke foto die ik meteen op mijn blog had willen zetten. Niet dat de foto zo bijzonder is. Je ziet alleen maar aarde. Maar het feit dat ik weer kon beginnen met zaaien is toch wel leuk nieuws! Dus bij deze alsnog.

Het was nog februari toen ik de eerste zaadjes in de grond stopte. Een paar rijtjes voor wortels (rood, geel en oranje) en een rijtje prei. Nog erg vroeg, dat is waar. Maar het was zulk prachtig weer dat ik het wel het proberen waard vond. Met de regenbuien in de week erna konden ze in ieder geval niet uitdrogen. Binnenkort zaai ik weer een rijtje. Slaan de eerste rijtjes dan niet aan, dan heb ik niet tekort. Slaan ze wél aan dan heb ik mijn oogst een paar weken vervroegd. Het valt te proberen.

Zagen en timmeren

Het is prachtig weer en het kriebelt aan alle kanten om weer lekker in de tuin aan de slag te gaan. Gister kon ik al een start maken, al was er toen weinig zon. Voor tuinieren maakt dat niet zoveel uit, het is soms al snel te warm. Maar voor mijn stemming werkt de zon opperbest. De zon lokt me naar buiten en vooral naar de tuin.

Gister ben ik weer aan het zaaien geweest. Het is nu de tijd om doperwten te zaaien. Al jaren pruts ik wat met een gaaswerkje waar wat stokken in gestoken zijn. Het geeft de doperwten steun om te klimmen, maar het neerzetten is prutswerk.

Nu had ik van mijn oude huis nog een stuk hout liggen waar een ander soort gaas aan vastgemaakt zat. En gister vond ik de moed om daar eens wat van te maken. Zagen en timmeren zijn niet bepaald mijn specialiteiten, maar ik houd er van zelfstandigheid dus als het een beetje kan doe ik het toch zelf. En dat lukte prima. De plank waar het gaas aan zat moest gehalveerd worden. En aan het gaas moesten nog meerdere palen vast gemaakt worden met kleine krammetjes. En hoewel het vastzetten van de krammetjes prutswerk blijft doordat ze zo klein zijn, merk ik toch dat ik er in de loop van de jaren een beetje handigheid in heb gekregen.

En dan, na al dat timmermanswerk, eindelijk tijd voor het echte tuinieren: zaaien! Aan beide zijden van het gaas heb ik een rijtje doperwten gezaaid. Er is nog plek voor meer maar ik wil de oogst een beetje spreiden. Bovendien kwam ik erachter dat het zaad al redelijk verouderd is en vraag ik me af hoeveel er gaat ontkiemen. Ik heb maar royaal gezaaid en haal binnenkort een nieuw zakje voor de tweede ronde.

Naast de doperwten zaaide ik nog een randje radijsjes. Daar hoef je meestal niet heel lang op te wachten, en zo in het voorjaar is elke oogst welkom.

Het geheel heb ik afgedekt met een groen vlies, om te voorkomen dat de vogels binnenkort alle dikke, smakelijke, opgezwollen doperwten uit de grond pikken.

Taugé kweken

Tijdens de winter vind ik het leuk om zo nu en dan kiemen te kweken. Alfalfa gaat meestal op een broodje sandwichspread en radijs geeft heerlijk smaak aan een salade. Laatst ging ik een nieuwe soort uitproberen: taugé. We eten nog wel eens nasi en eigenlijk is taugé het enige wat we missen naast alle groenten uit de tuin. Taugé kweek je uit mungbonen. Het zijn kleine groene boontjes. Ik had nog een klein proefzakje liggen, een perfecte hoeveelheid om het eens uit te proberen.

Ik herinnerde me dat ik eens had gelezen dat taugé onder iets zwaars moet groeien, om zo de taugé dik te maken. De witte kleur krijg je door gebrek aan licht. Een vluchtige zoektocht op het internet bevestigde mijn vermoedens. Op de site van sjeftuintips vond ik praktische voorbeelden om aan de slag te kunnen.

Ik gebruikte twee identieke bakjes. In één ervan maakte ik talloze gaatjes. In dit bakje deed ik de mungbonen. Het bakje eronder is voor het uitlekken.

Ter verzwaring heb ik een zakje met water gebruikt. Het voordeel hiervan is dat het schoon is, en dat het gewicht zichzelf verdeelt over de bonen.

Net als het kweken van andere kiemen moet je de taugé twee keer per dag spoelen en laten uitleggen. Met een vaatdoekje over het geheel konden ze mooi in het donker groeien.

Er stond zo’n 4-5 dagen voor het kweken van de taugé. Na 5 dagen waren de keimen echter nog erg klein en de boontjes nog redelijk groot. Ik heb het dus langer gedaan, ik vermoed zo’n 8 à 9 dagen. Dat was misschien weer wat te lang, het knapperige gaat er dan wat vanaf.

Uiteindelijk hadden we een handjevol taugé, precies genoeg voor een portie nasi voor ons tweeën. Leuk om eens te proberen en in de toekomst nog te verfijnen.

Website Sjef Tuintips: https://sjeftuintips.wordpress.com/2011/09/19/17-tauge-kweken/

Winterwerk in lenteweer

Momenteel ben ik veel bezig in de tuin met winterklussen. De tegels liggen kriskras in de tuin. Functioneel, dat wel, maar verder geeft het een erg rommelige aanblik. En dus ben ik bezig om tegelpaden aan te leggen.

Ik heb maar een paar wensen: het moet netjes lijken, het moet niet volgend jaar alweer allemaal schots en scheef liggen en je moet niet over de tegels struikelen.

Dat laatste is een uitdaging. De tuin is allesbehalve vlak. Omdat de aarde veel hoger ligt dan het pad ernaast, heeft de tuin een bolling. En over de bolling moeten paden gelegd worden. Maar voorin is de tuin hoger dan achterin. Nog een bolling. Daar gaan tegels spontaan scheef van liggen. Een waterpas heeft maar beperkte nut als de tuin niet vlak is. Maar als ik de tuin vlak wil maken, zal ik een opstaande rand moeten maken, het eerste stukje waar je over kunt gaan struikelen.

Het lijkt allemaal heel ingewikkeld, maar ach, zo precies komt het ook weer niet. Dus liggen de tegels netjes recht langs een gespannen lijntje gelegd en lopen ze in een boogje omhoog en in een boogje naar beneden. Flink aanstampen en niet te grote verschillen tussen de tegels. Het lijkt netjes. Ik struikel nog nergens over en hopelijk ligt het twee jaar struikelvrij.

Inmiddels ben ik al verschillende middagen bezig geweest en het begint ergens op te lijken. Het geeft een voldaan gevoel. Nog één of twee keer en de hele tuin is over een pad bereikbaar.

Zonneschijn

Wat is het schitterend weer! Zittend op ons balkon, met de zon op mijn gezicht, kan ik mijn blogstukjes typen. De afgelopen twee dagen ben ik actief geweest in de tuin om optimaal van het mooie weer te genieten. Want ja, hoewel het warme weer totaal niet bij Februari past en het eigenlijk iets is om je zorgen over te maken, heb ik besloten om er van te genieten. Met zorgen maken zal het de natuur niet beter af gaan. Met milieubewust bezig zijn wel. Dus staat de verwarming uit en zit ik met een kleedje op het balkon in de meest milieuvriendelijke warmte van de zon.

Het warme weer van februari zorgt er voor dat er in de tuin al van alles opkomt. Tulpen, blauwe druifjes en narcissen. Een verdwaald krokusje staat in bloei en zelfs de phlox heeft een bloemetje.

De knoflook die ik in het najaar gepoot heb heeft al flinke sprieten boven de grond uitsteken.

De pol anjers heb ik moeten snoeien. Deze groeit volop en overwoekerde de paden. Bij het snoeien ontdekte ik dat ook daar al knoppen in zitten.

Het bodemleven komt ook ‘tot bloei’. Tijdens mijn werkzaamheden in de tuin de afgelopen weken ben ik heel wat meer wormen tegen gekomen dan de afgelopen twee jaar bij elkaar. En dat vind ik misschien wel de mooiste bloei van de hele tuin.

Amaryllis

Het is weer de tijd van de Amaryllis bollen. Het begin van het jaar, waarin ik alweer begin te verlangen naar groen en groei is altijd het perfecte moment om een Amaryllisbol te laten groeien. De hele zomer hebben ze op het balkon gestaan om met hun blad weer energie op te slaan in de bol. Aan het eind van het jaar, nog voor de vorst, heb ik de bollen naar binnen gehaald. De rustperiode is blijkbaar voorbij want de eerste Amaryllis begint te groeien. En dan gaat het ineens heel hard. Zag ik vorige week het eerste puntje, nu is de knop al zo’n 25 cm hoog.

Gister ontdekte ik dat er niet één maar zelfs twéé knoppen uit de bol komen. Vorig jaar had ik inderdaad een bol met meerdere knoppen. De bol is weer een jaar goed doorgekomen en kan me nogmaals verblijden met zijn bloei.

In een achteraf hoekje staat nog een bol. Ik ben benieuwd wanneer die gaat beginnen.

Begraven

Met de post heb ik een leuk pakketje ontvangen van een vriendin. Bloembolletjes! Ze had onthouden dat ik nog wat bolletjes wilde halen om het kale stukje grond bij ons op de parkeerplaats op te vrolijken. Het was er nog niet van gekomen om wat te kopen en opeens lag het zelfs al in de bus.

Enige tijd later ging ik met een andere vriendin aan de slag om de bolletjes in de grond te stoppen. Bij ons op de parkeerplaats staan bijna overal netjes struikjes aangeplant. Echter op één hoekje is een kaal stukje grond en wat daar het idee van is ben ik nog niet achter. Het onkruid dat er, uiteraard, op groeit wordt elke keer weer netjes verwijderd. Maar verder is en blijft het een kaal stukje grond. Het leek me dan ook leuk om er wat bolletjes te planten om in het voorjaar wat kleur te hebben.

Terwijl we een mooie verdeling bedachten voor de verschillende soorten bollen liepen mensen af en aan op de parkeerplaats. Het blikje in de handen van mijn vriendin en het schepje in mijn hand gaf een mevrouw het idee van een begrafenis: “Een vogeltje aan het begraven?” vroeg ze terwijl ze langsliep. Nee gelukkig, er was niets dood. Sterker nog, misschien kunnen deze bloemen in de toekomst nog wat bijen helpen overleven. Ze houden in ieder geval van de blauwe druifjes en de krokussen.

Terwijl ons project gestaag vorderde kwamen er steeds meer stukjes omgewoelde aarde. Het bracht een andere voorbijganger op het idee dat we iets aan het opgraven waren. Ik kon er wel om lachen. Ik ben benieuwd wat je zou vinden als je hier een opgraving zou doen. Ik denk dat het weinig verder zou komen dan stukjes uiteengevallen plastic, bierblikjes en glaswerk. O, en tegenwoordig kun je ook een complete pompoen op de parkeerplaats vinden, zelfs zonder opgraving. Dus misschien hebben we volgend jaar wel meer dan alleen blauw-paarse bloemen op de parkeerplaats.


Naar de tuin

Waar het bijhouden van een blog wel niet goed voor is dacht ik toen ik laatst weer in de tuin bezig was. Tijdens het typen van de laatste twee blogstukkjes realiseerde ik me dat ik eigenlijk heerlijk bezig geweest was in de tuin. En dus ging ik enkele dagen na het typen weer op pad. Ik had geen duidelijk doel, al was er genoeg te doen in de tuin.

Bij het openen van de kist ontdekte ik helaas waterschade. Een plastic bakje stond vol met water. Ik kon geen lek ontdekken, mogelijk is er met harde wind regen vanaf de zijkant naar binenn gekomen. Verder leek er niets nat geworden te zijn. Het is even afwachten of het hierbij blijft.

In de kist stuitte ik op mijn zak met kalkkorrels. O ja! Een echte winterklus waar ik doorgaans pas in het voorjaar aan denk. Met bakjes vol korrels ging ik de tuin rond. Het voelde alsof ik de kippen aan het voeren was, zo strooide ik alle korrels in het rond. Kalk heeft tijd nodig om in de grond opgenomen te worden. Omdat er in de winter weinig in de tuin groeit is het een ideaal moment om kalk te strooien.

Na mijn strooirondje had ik nog mooi wat tijd over om een stukje tegelpad te leggen. Na het verwijderen van het onkruid en het opruimen van de resten snijbiet was er niet veel tijd meer over. Er zat een bui aan te komen en ik hoopte dan thuis te zijn. Al met al kwam er toch nog een stukje tegelpad, 5 tegels om precies te zijn. Maar alle kleine beetjes helpen. Met een tevreden gevoel ging ik weer naar huis, nog net voor de bui echt losbarstte.

Worteldoek II

De middag wortels uitgraven en worteldoek ingraven is me goed bevallen. Midden in de winter kom ik veel minder buiten en dan merk ik dat ik het tuinieren mis. Toch moet ik altijd over een drempel heen om in de winter naar de tuin te gaan. Een goede reden dus om niet te lang te wachten met de tweede helft van de klus. En zo ging ik enkele dagen later alweer naar de tuin. Ik wist wat ik wilde gaan doen en kon snel aan de slag.

Het werk vlotte snel en ik realiseerde me dat ik de klus misschien wel af kon krijgen. Dat zou wel erg fijn zijn. Er is nog genoeg te doen in de tuin. Hoewel ik lekker bezig was weet ik dat deze klus snel blijft liggen zodra er andere dingen te doen zijn.

Het werd even flink doorwerken want de zon ging op tijd onder. Maar zowaar, vóór het donker werd kon ik tot het eind van het stuk worteldoek doorwerken. Nu is alles waar ik niet goed bij kan en wat aan de buren grenst mooi afgewerkt. Heerlijk voldaan ging ik naar huis.


Worteldoek I

In de winter is het tijd voor, jawel, de winterklussen! Tot nu toe is de winter zacht en droog, ideaal hiervoor. Rondom de feestdagen bleef er nog genoeg vrije tijd over om eens lekker aan de slag te gaan. Met een extra paar sokken aan ging ik aan de slag. Het was koud, maar er moest een inspannende klus gedaan worden, dus eigenlijk was het helemaal niet erg.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is DSCN6228.jpg

Achterin mijn tuin heb ik de composthoop liggen. Deze was behoorlijk groot geworden en ik was al aan een nieuwe stapel begonnen. Tussen de twee hopen was nog ruimte vrij, ideaal om de oudste stapel eens om te keren. De kwaliteit van de compost onderin verraste me. Prachtige, fijnverteerde compost. Een deel heb ik dan ook meteen maar over de tuin verspreid.

Met het omgooien van de composthoop kwam er eindelijk ruimte om mijn ‘wortedoek klus’ af te maken. Eigenlijk is het stuk onder de composthoop het enige stuk waar nooit goed het wortelonkruid weggehaald is. En daar groeiden inmiddels al behoorlijk dikke wortels van het pispotje, ook wel haagwinde genoemd. Tijdens de zomermaanden is het al snel te heet voor deze intensieve klus terwijl ik in de winter wel wat extra warmte kan gebruiken. Dus dankzij de kou kon ik flink aan de slag om de dikke witte wortels van het pispotje uit te graven.

Vervolgens kon ik verder met het ingraven van het worteldoek. Na zo’n 2,5 uur buiten werken kon ik tevreden terug kijken op een ontspannen middag. Het worteldoek kwam tot bijna achterin de hoek en ik had een wit emmertje vol dikke witte wortels. Nog één of twee keer een middag aan de slag en de (in de zomer) vervelende klus is geklaard.

Wat is een pispotje/haagwinde?