Ik eet weinig paddenstoelen. Sterker nog: eigenlijk zijn mijn zelfgekweekte shitakes de enige die ik eet 😉 Champignons doen me teveel denken aan rubber. Ik leerde echter dat het wel uitmaakt hoe je deze klaarmaakt en zo langzamerhand, mede door het eten van mijn eigen kweeksels, begin ik paddenstoelen wat meer te waarderen. Tenslotte is het opeten van iets wat je helemaal ziet opgroeien toch wel erg leuk. Dus, mocht er nog iets zijn wat je niet lust: ga het verbouwen, je krijgt er al spontaan zin in!
Maar dan: de eerste shitakes zijn weer geoogst en dan moet ik er iets van maken. Lang leve internet! Zo kwam ik gister op het idee om risotto te maken (ook nog nooit gemaakt, sjonge, wat een leerzame dag was het toch) met shitake, paprika en prei. Aangezien de risotto zelf ook nog gedroogde paddenstoelen bevatte vond ik het wel even spannend wat ik ervan zou vinden. Maar… ik heb heerlijk gegeten! Dat is wel voor herhaling vatbaar!
Gelukkig, want de volgende paddenstoelen zitten alweer aan de stam. En met dit weer groeien ze hard.

Na regen komt: shitake!











at ik mijn eerste shitake. Het aansnijden moest natuurlijk even vastgelegd worden al is de binnenkant niet erg bijzonder. Ik had verschillende recepten gevonden waarin ik de shitake kon bereiden maar uiteindelijk heb ik er zelf een leuke draai aan gegeven. Nasi met shitake. Nadeel is dat door de nasikruiden de shitake niet meer terug te vinden was, net zo geel als de rest van het eten… 😉 Maar proeven kon ik het nog wel, ik had de stukjes expres wat groter gelaten dan ik anders zou doen om de smaak even goed te kunnen bestuderen.





