Van heinde en ver komen ze naar me toe: potjes. Jampotjes, rodekoolpotjes, appelmoespotjes, doperwtenpotjes, het maakt weinig uit, zolang ze maar een metalen schroefdeksel hebben. Eén la van de vriezer zit nog vol fruit uit de tuin en in de laatste potjes die we nog hadden paste niet meer dan twee eetlepels jam. Gelukkig willen veel mensen wel even hun glaswerk bewaren en zo stromen de glazen potjes binnen. Vandaag kregen we een hele grote lading uit het noorden van het land, toen familie op bezoek kwam. Dat wordt de komende week jam maken.
Ook van de zoetzuur wilde ik graag nog een lading maken. Ik maak het recept doorgaans 4x, maar ik had dit jaar een bar slechte courgette-oogst. Gelukkig is er op een volkstuin altijd wel iemand die courgettes over heeft en zo ben ik aan twee grote, bolvormige courgettes gekomen. Ook daarvoor hebben we potjes nodig. Met de groeiende voorraad potjes kunnen we dus weer flink aan de slag.
Daar sta ik dan, voor mijn nieuwe tuin. Een prachtig stukje grond, nog helemaal zelf in te delen. Ik popel om te beginnen en de zwarte aarde te vullen met planten struiken en vooral: bloemen. Maar ik dwing mijzelf rustig na te denken en bij het begin te beginnen.
Eerst maar eens kijken hoe de grond is en of er veel wortels van onkruid in zitten. De vorige huurder had zijn tuin altijd netjes op orde, maar de tuin is twee jaar niet gebruikt en het is even de vraag wat dat met de grond gedaan heeft.
Het globale plan zit al in mijn hoofd. Rechts van het grote pad komen alle fruitstruiken en fruitboompjes. Links wil ik proberen zoveel mogelijk alleen éénjarige planten neer te zetten. Omdat alle fruitstruiken vóór 1 januari 2020 verhuisd moeten zijn, ga ik van start aan de rechter kant. Meteen vooraan steek ik mijn riek in de aarde en begin de grond om te woelen. Spitten doe ik niet, om het bodemleven niet te verstoren. Maar de grond even losmaken nadat er zolang plastic op heeft gelegen kan geen kwaad. Bovendien kan ik zo heel makkelijk de wortels van Pispotjes (ook wel likkepotjes genoemd) eruit vissen. In mijn huidige tuin had ik daar in het begin heel erg veel van in de grond zitten. Door het in het begin heel systematisch te verwijderen was ik het vrijwel kwijt in mijn tuin. Ideaal. Zit het eenmaal tussen de wortels van een struik dan kost het veel meer tijd om het te verwijderen omdat je het pispotje dan moet uitputten.
Het is een intensieve klus. Regelmatig neem ik even pauze, het is ook veel te mooi weer voor intensieve arbeid. Maar ik ben erg tevreden over het stuk wat ik in één middag heb kunnen doen. Als afsluiting zet ik er nog even een afrikaantje in. Het kan er goed tegen om verplant te worden en de restant van de plant is goede voeding voor de grond. Heb ik toch alvast een bloemetje in mijn tuin.
Ik heb deze zomer getwijfeld of ik wel galiameloenen zou kunnen oogsten van mijn meloenplant. Er kwamen maar geen vruchten en ik (her)ontdekte te laat dat ik de plant moest toppen omdat je zijscheuten moet kweken. Toen ik eenmaal vrouwelijke bloemen met mannelijke bloemen in contact kon brengen was de zomer al aardig gevorderd. De meloenen staan bij mij onder een plastic zeil en veel kou houdt dat zeil niet tegen.
Enkele weken geleden bleken er al mooie dikke meloenen aan mijn plant te zitten en kreeg ik weer hoop. Misschien zouden ze toch op tijd rijp zijn.
Inmiddels heb ik er twee geoogst. De enige twee. Nummer drie is tijdens de vakantie gesneuveld. Misschien was die al wel rijp of is de vrucht gaan rotten door vocht, ik weet het niet. In ieder geval wilde ik het met de andere twee niet zover laten komen. Nog niet helemaal rijp heb ik ze maar veilig in huis gelegd. Dat laatste stukje moeten ze dan hier onder mijn toeziend oog maar verder rijpen.
Volgend jaar ga ik het weer proberen. Op tijd de plant toppen en met de hand bevruchten. Ik heb al zin om weer te beginnen 😀
Ik had er nog nooit één gezien, maar herkende hem meteen: een kolibrievlinder. Ik wist niet hoe snel ik mijn fototoestel moest pakken om deze bijzondere vlinder vast te leggen.
Het duurde even en het was maar goed dat de vlinder nog graag eens terug kwam. Ik laat jullie graag even meegenieten van deze bijzondere nachtvlinder (die overigens zowel overdag als ’s nachts actief is) die hier met een lange tong de nectar uit de bloem haalt.
Als we op vakantie zijn vind ik het altijd interessant om te kijken of er groenten of fruit in de regio gegeten wordt dat ik nog niet ken. Vorig jaar kwamen we vaak cactussen tegen waar cactusvruchten aan groeiden. Helaas lukte het toen niet meer om ergens één losse vrucht te kopen en meteen 6 tegelijk leek me wat teveel. Zo aantrekkelijk vond ik ze er niet uit zien.
Dit jaar maakten we kennis met mirabellen. Dit zijn kleine, gele ronde vruchtjes die we overal op de markten zagen liggen. Dit jaar wachtte ik niet te lang en op een markt kocht ik er een stuk of tien om ze eens uit te proberen. Ze zagen er nog wat groenig uit, maar de marktman verzekerde me dat ik ze al kon eten. Nou, ze waren nog wat hard, maar na een paar dagen verschenen er al wat rode stipjes op en kleurde de vrucht donkerder geel. Tijd om ze op te eten.
De mirabel heeft een pit en lijkt een beetje op een kleine pruim. Mijn eerste indruk was dat de mirabellen niet veel smaak hebben maar dat moest ik later die week bijstellen. De mirabellen van de markt waren duidelijk nog niet genoeg gerijpt. De smaak zal wel komen als de vrucht rijper wordt. In een restaurantje kregen we namelijk een toetje van mirabellen met wat room en gebakken notenkruim. Ze smaakten verrukkelijk zoet en zacht.
Weer terug van vakantie ontdekte ik dat de mirabel een soort pruim is. En inderdaad, toen ik de pit in het vruchtvlees zag zitten moest ik meteen aan een pruim denken. Hoewel wij ze in Frankrijk voor het eerst hebben gegeten, blijken ze ook gewoon in Nederland te groeien. Ik zal eens om me heen kijken, misschien kunnen we nog eens een “Frans” toetje nemen.
Ik ga verhuizen met mijn tuin. Alweer? Ja, alweer. Maar niet zover dit keer. Er zitten welgeteld twee tuinen tussen mijn huidige tuin en mijn nieuwe tuin. Weinig reden om te verhuizen zou je zeggen, ware het niet dat de nieuwe tuin bijna twee keer zo groot is en op een mooi plekje naast de sloot ligt. Met maar twee buren in plaats van vier klinkt dat wel erg aantrekkelijk. Het is een heel mooi plekje om te zitten en ik hoop daarna ook niet meer te hoeven verhuizen. Want dat verhuizen… daar zat ik eigenlijk totaal niet op te wachten. Dit jaar heb ik eindelijk een mooie pruimenoogst en de rode bessenstruik is net weer bijgekomen van de vorige verhuizing (eind 2017)
Dus eigenlijk… leek het aanbod me prachtig maar wilde ik er vanaf zien omdat ik niet weer alles wilde verplanten. Maar sommigen zetten me aan het denken. ‘Zou je de tuin ook willen als je niet zou hoeven verhuizen?’ O ja! Want het is een erg mooi plekje! ‘Je kunt vast wel wat mensen vragen om te helpen en je hoeft maar een klein stukje.’ Hmmm, ja, dat is ook zo.
In de nieuwe tuin kan ik de fruithoek nog ruimer opzetten. Hoewel ik met de laatste verhuizing goed had nagedacht over de indeling, blijkt het al snel weer te krap. Bovendien zijn de druivenstruiken dit jaar ziek en komt er amper oogst vanaf. Eigenlijk moet ik daar toch al nieuwe struiken voor kopen want de ene heeft het nooit goed gedaan en de ander is iets te vaak verplant. Bij buren heb ik een hele mooie stellage gezien voor de bramen, maar in de huidige tuin past dat niet. O, en ik zou erg graag een stukje vrij willen houden voor bloemen maar ze moeten er altijd nog ergens in een hoekje bij omdat het niet past.
Toen de mogelijkheid van een grotere tuin eenmaal vorm begon te krijgen, kwamen er allerlei plannen naar boven. Ik kreeg er steeds meer zin in en de verhuizing lijkt steeds minder zwaar te wegen. Ik heb gevraagd of het nog kon en ja hoor, het bestuurslid ging akkoord. En dus kan ik binnenkort gaan starten in mijn nieuwe tuin. Nu nog alles onder plastic (ai… dat vind de aarde niet zo leuk) maar binnenkort kan ik lekker aan de slag. En nu… nu kan ik eerst thuis aan de slag: op papier een mooi plan maken. Want die fruithoek wil ik nu toch eens mooi ingedeeld hebben.
De één blijft nog kalm onder tien wespen, de ander raakt hysterisch bij die ene wesp. Momenteel zien we ze weer veel, die wespen. Ze komen af op zoetigheid en zoeken dat regelmatig bij een ieder die lekker op z’n terras zit.
Bij ons thuis valt het nog wel mee, zo nu en dan komt er eentje langs, maar daar blijft het bij. Misschien omdat ik vaker koffie drink dan sap maar ik denk dat we gewoon geluk hebben.
Op de tuin echter zie ik er tientallen. Nu de pruimen rijp zijn komen ze massaal op de pruimenboom af. De eerste keer schrok ik toen ik een pruim plukte waar opeens vijf wespen uitkwamen. Gelukkig waren ze nogal sloom maar ik was meteen alert. En ja hoor, de rijpe pruimen weten ze goed te vinden. Zo nu en dan hangt er nog net een pit aan een draadje pruim, de rest van de pruim eten ze met grote happen op.
Vervelend, aangezien ik nu vele pruimen maar pluk voor ze helemaal rijp zijn om de wespen voor te zijn. Maar aan de andere kant: gelukkig. Laat ze maar lekker in de pruimenboom rondhangen. Ver uit de buurt van ons terras. Niemand die er last van heeft. En die tien pruimen… tsja, ik ben gezegend met een oogst die minstens 10x groter is dan vorig jaar, dus zelfs met de wespenvraat blijft er nog genoeg over. Heerlijk!
Ik heb dit jaar twee meloenplanten. Galiameloen. In het voorjaar had ik ze onder plastic zodat ze konden profiteren van wat extra warmte. Hoog zomer stonden ze in de “frisse” buitenlucht. Ik hoopte dat de bijen dan de meloen zouden bevruchten, maar ik denk dat je het alsnog zelf moet doen. In ieder geval, nadat ik wat vrouwelijke en mannelijke bloemen met elkaar in contact had gebracht zijn er wat vruchten gaan groeien.
Eentje is al een eind op weg. Ik heb echter geen idee of de meloen op schema loopt. Het zal nog wel even moeten groeien en vervolgens nog moeten rijpen. Het zal nog wel even duren voor de meloen oogstbaar is. Om de groei te stimuleren heb ik dus het plastic maar weer over de plant getrokken. Het vraagt wat extra aandacht met water geven maar met dit warme weer moet ik toch al langskomen. Ik ben benieuwd of de meloen het gaat redden voor het tuinseizoen is afgelopen.
Ik heb mijn eerste appels geoogst! Er zitten in sommige wat lelijke plekken, dus vanavond eten we appelcompote.
De andere, mooie gave, appels liggen in de koelkast. Momenteel hebben we genoeg ander fruit, maar over twee maanden moeten we weer overgaan op appels en peren. Dan hebben we mooi nog wat lekkers uit eigen tuin. Al weet ik niet of ze die twee maanden halen.
Verder hangen er nog een paar aan de boom, het rode blosje is nog niet te zien. Zo kunnen ze mooi nog wat groeien en rijpen.
Momenteel kan ik een heleboel soorten groente en fruit uit mijn tuin halen. Sinds deze week kan ik pruimen en bramen oogsten, de japanse wijnbes geeft al enige tijd rijpe vruchtjes en mijn ene doordragende aardbei geeft al sinds het voorjaar steeds vruchtjes. De meeste aardbeien oogst ik momenteel in de tuin van een tuinder enkele tuinen verderop. Tijdens haar vakantie let ik op de tuin en oogst ik royaal van haar vele doordragende aardbeien.
De tomaten kleuren mooi rood of oranje. De oranje cherrytomaten oogst ik in overvloed, de trostomaten komen net op gang. Komkommers hebben we ook in overvloed, lekkere dikke. Sperziebonen, prei, wortels, rode kool en broccoli: we hoeven voor de groente niet naar de winkel. De courgette doet het niet zo goed. De ene plant lag in de knel maar na het draaien is de hoofdstengel gebroken. Ai… nog maar even afwachten hoe deze weer herstelt. De andere courgetteplant loopt wat achter maar deze is inmiddels begonnen met courgettes produceren.
Vandaag oogstte ik de eerste rode biet. De rode bieten doen het dit jaar niet heel goed, ik denk dat er een deel bezweken is tijdens de warmte. Aangezien mijn man er geen fan van is kan ik ze gerust allemaal zelf opeten, er zijn boontjes genoeg als alternatief.
De paar kropjes sla die tussen de bonen groeiden schieten al door voor ze volgroeid zijn. Het was te verwachten met die hoge temperaturen. Maar het is precies genoeg voor wat variatie.
Vorige week heb ik me bezig gehouden met mijn meloenplant. Er kwamen nog geen vruchtjes aan en ik moest weer even uitzoeken waar ik op moest letten bij het snoeien en bevruchten. Toen ik wist dat ik niet naar de hoofdtak maar juist naar de zijtakken moest kijken kon ik de vrouwelijke bloemetjes al snel vinden. Ik heb een aantal met de hand bevrucht en inmiddels zie ik een paar bolletjes groeien. Of het er genoeg zijn moet ik nog even afwachten, maar mijn werk is in ieder geval niet voor niets geweest.