Vroeg in het voorjaar heb ik prei gezaaid in de volle grond. Het is ontkiemd en heel rustig gaan groeien. Inmiddels zijn de (meeste) preitjes meer dan een potlooddikte en kunnen ze verplaatst worden. Wil je een prei kunnen oogsten met een wit gedeelte dan zul je de prei diep in de grond moeten zetten. De wortels van de prei hebben graag wat zuurstof en dat is ook de reden waarom je prei niet plant maar ‘zet’. Ik heb een serie gaten gemaakt met de pootstok (een eenvoudige, stevige stok met een geslepen punt) om de preiplanten in te kunnen zetten. Na het uitgraven heb ik de wortels ingekort en ook de top eraf geknipt om de groei van de prei te stimuleren. Vervolgens liet ik ze in het gat glijden en goot er wat water bij. Het gat zal vanzelf dichtslibben. Meer dan geduld hebben hoef ik nu niet te doen, wat dat betreft is het makkelijk.
Waar ik me overigens elk jaar weer over verbaas is het versch
il in dikte van de prei. Terwijl alles tegelijk gezaaid is, evenveel water heeft gekregen, in dezelfde grond staat én even lang heeft kunnen groeien is er een groot verschil in dikte. De dikste prei is gerust 4x, zo niet 6x zo dik als de dunste. Bijzonder is dat.


Er is vandaag hard gewerkt in mijn tuin. Ik vind het leuk om te snoeien maar de laatste tijd is het wel erg hard nodig. Over de helft van de paadjes kon je niet eens meer lopen of moest je hele grote stappen maken om over alle woekerende planten heen te stappen. Vandaag ben ik deels bezig geweest met het vrijmaken van het pad achterin de tuin. De bodembedekker Duizendknoop had heel wat knopen gelegd en is in korte tijd verdubbeld. Ook de Vrouwenmantel deed hieraan mee. Dan nog de Rucola die spontaan was opgekomen en inmiddels al stond te bloeien, de vlinderstruiken die nog altijd veel te weinig ruimte hebben en daardoor steeds over de paden hangen en Lamsoor die ik ietwat te dicht bij het pad heb geplant. 

