Wintergroenten

Het is een hele kunst om in de winter nog regelmatig uit eigen tuin te kunnen eten. Er zijn diverse soorten wintergroenten en met goed plannen en uitkienen is er nog heel wat mogelijk. De bekende groenten zijn de boerenkool en de prei. Je ziet ze in de winter duidelijk staan op de vrijwel lege volkstuinen. Maar winterpostelein en veldsla voor de knapperige, frisse rauwkost of soep kunnen ook. Dan is er nog de aardpeer, al zal ik die waarschijnlijk niet bij de groenten mogen rekenen. Voor degenen die nog wat hebben bewaard zal er nog wat in de vriezer kunnen zitten of is er nog keus uit gedroogde bonen of de lang te bewaren pompoenen.

Behalve de veldsla (helaas niet opgekomen) kan ik nog uit al deze soorten kiezen. Toch eet ik momenteel maar weinig uit eigen tuin. Veel droogbonen heb ik dit jaar niet, de vriezer heeft enkel nog wat restjes en de prei is maar dun gebleven.

Maar de belangrijkste oorzaak ligt vooral in het feit dat ik maar weinig in mijn tuin kom. Even wat winterpostelein gebruiken voor een frisse salade is alleen praktisch als ik die dag (of de dag ervoor) in mijn tuin ben geweest. Juist de winterpostelein is erg geschikt om in kleine beetjes te oogsten. Hetzelfde geldt voor de aardpeer. En hoewel prei wat langer te bewaren is, is een gespreide oogst wel handiger.

Maar gelukkig, boerenkool gaat bij mij altijd eerst in de vriezer voor ik ervan ga eten. Met een halflege vriezer leek het mij vorige week dan ook erg geschikt om alle boerenkool te oogsten. Zo zijn de wintergroenten tenminste bij de hand. En binnenkort zal ik maar weer eens een flinke pompoen gaan slachten. Tenslotte zijn die voor de winter bewaard en met het winterse weer van de afgelopen dagen is de winter overduidelijk begonnen.

In bestelling

De bestellijst voor mijn zaden is ingeleverd. Het is elke keer weer een hele administratie (maar dan wel een erg leuke!) om te kijken welke zaden besteld moeten worden. Gedurende het tuinseizoen schrijf ik al op welke zakjes leeg of bijna leeg zijn, dat scheelt al een stukje. Daarnaast houd ik in de gaten of zaden niet te oud zijn en hun kiemkracht verliezen. Met name de sla en andijvie zijn daar gevoelig voor: er zitten veel zaden in één zakje waardoor de kiemkracht verloren kan zijn vóór het zakje leeg is. Bij bieten heb ik daar minder last van, die zakjes zijn sneller leeg.

Het leukste is om ideeën op te doen voor komend jaar. Wil ik een nieuw soort proberen en welke dan? Omdat ik elk jaar weer moet concluderen dat ik ’te weinig’ ruimte heb voor al mijn enthousiaste plannen moet ik mijzelf een beetje inhouden om niet weer van alles aan te schaffen. Maar één compleet nieuwe soort is wel toegestaan en het is altijd leuk om te bedenken welke dat gaat worden.

Dit jaar heb ik ook wat nieuwe bonensoorten besteld. Nu ik een aantal jaren bonen heb geteeld weet ik iets beter wat ik wil. De droogbonen zijn leuk voor in de winter maar in de zomer eet ik ook graag wat verse bonen. Echter, die draad erin… Brrr, niks voor mij! Voor komend jaar heb ik dus een soort zonder draad, om ook de vers gekookte bonen smakelijk te kunnen eten.

“snoepfolder” voor tuinders

Het is weer begin januari. Het moment om de laatste zaden op de bestellijst aan te strepen en de lijst in te leveren. Ik vind het een heerlijke bezigheid: lekker bladeren in de folder met allerlei nieuwe soorten variëteiten aan zaden voor groenten en bloemen. Het is alsof ik in een snoepwinkel loop en een zak snoep mag vullen met alles waar ik zin in heb, alleen is dit nog veel leuker. Geen ongezonde bezigheid maar een rijkelijke keuze aan frisse groenten. Ik zie een tuin voor me vol prachtige, knapperige, frisse, gezonde, verse groenten. Uiteraard is de zon altijd aanwezig en heb ik nooit spierpijn aan het eind van de tuindag. Bladeren door de folder geeft me het gevoel dat rotte groenten niet bestaan, dat de oogst niet kan mislukken, dat slakken niet bestaan en dat tuinieren het leukste is wat er bestaat.

En dat laatste is gelukkig nog waar ook 🙂