Jahoor, het is mogelijk! De Amaryllis begint zonder water vanzelf te groeien. Het was te verwachten na het voorbeeld van de narcissen. Maar goed, het zien gebeuren is weer een ander verhaal. Het was wat bij toeval dat ik het kleine groene puntje ontdekte. Ik was namelijk op zoek naar een passende pot zodat het water niet uit de binnenpot de kamer in zou lopen. En zo ontdekte ik dat de bol al aan het uitlopen was. Zó snel (binnen een paar dagen) had ik het nog niet verwacht. Een leuke verrassing dus.
Categorie archieven: Blog
Zomerfoto’s
Afgelopen zomer stond ik in de krant. Een paginagroot artikel over mijn volkstuin met foto’s van de professionele fotograaf Niek Stam. Erg leuk natuurlijk! Nu is het alweer een hele tijd geleden maar laatst bedacht ik me dat Niek Stam me had toegezegd om de originele foto’s toe te sturen. En ja hoor, nog dezelfde dag stonden de foto’s in mijn mailbox. Leuk want zoveel mooie foto’s van mezelf in mijn tuin heb ik niet. Bovendien vond ik de foto die enigszins van bovenaf van mijn tuin was gemaakt wel erg mooi. Jullie mogen meegenieten.
Door de verschillende formaten is het wat lastig om de foto’s in een ‘gallerij’ te zetten, ze staan dus wat slordig op de pagina maar het plaatje blijft hetzelfde, nietwaar?
foto’s: Niek Stam
Amaryllisbol III
De zes weken waarin mijn Amaryllisbol moest drogen zijn inmiddels verstreken. Waarschijnlijk zijn het er al acht, maar dat geeft niet. Het werd tijd om de bol van zolder te halen en in de aarde te stoppen.
De bol hoeft pas water als de plant blad gaat aanmaken. Desondanks wilde ik mijn gevoel toch ook wat aandacht geven en gaf ik het bij het planten toch wat druppen. Een plant heeft toch water nodig om te groeien? Hoe weet het anders dat het moet gaan beginnen? Het zal de temperatuur zijn, net als bij narcissen. In de woonkamer is het tenslotte een stuk aangenamer voor de bol dan op de koude zolder.
Voor wie een Amaryllisbol komend jaar (weer) wil overhouden is het aan te raden om de wortels in te korten. Nu had ik dit al gedaan voor het drogen dus ik was snel klaar. Het enige wat ik nu nog kan doen, naast het wachten, is een stokje opzoeken en een knijper. Leuk om straks te zien hoe hard de plant per dag groeit.
Kiemzaden (k)weken
Nogmaals een blogstukje over mijn vrijwilligerswerk. Het is tenslotte reuze interessant, zo’n kweekkast. En de kiemzaden kun je ook zonder kweekkast kweken. Tenslotte zorgt de kast enkel voor ideale omstandigheden en gebruiksgemak.
Velen zijn vast wel bekend met tuinkers. Zaden die je laat kiemen op een nat stuk keukenrol en die je na een week op je boterham kunt doen. Maar er zijn nog veel meer zaden die je als kiemplantje kunt eten. Zo schreef ik gister al over taugé, alfalfa en zonnebloempitten. Deze drie soorten kiemzaden vragen iets meer aandacht maar zijn net zo goed prima zonder kweekkast te kweken. De zaden moeten 8-12 uur geweekt worden in warm water. Vervolgens giet je het water af, spoel je de zaden schoon en laat je de zaden nog eens uitlekken.
Doe de zaden in een bakje (bijvoorbeeld een (jam)potje)) en spoel ze drie maal daags met water. Laat de zaden goed uitlekken om schimmel te voorkomen. De zaden kiemen bij kamertemperatuur. Taugé en zonnebloempitten groeien in het donker, alfalfa en tuinkers in het licht.
Op de foto van links naar rechts: zonnebloempitten, taugé en alfalfa.
Ontkiemde zaden
Na twee weken groeiende nieuwsgierigheid kon ik eindelijk het resultaat bekijken in de kweekkast. Was de oogst werkelijk zo mooi als werd beloofd? Waren we nog dingen vergeten? En stonden de instellingen van de kast juist op elkaar afgestemd?
Ziehier wat foto’s van de eerste kweekbakjes. De radijszaden (niet op de foto’s) waren prachtig. Vrijwel alles was ontkiemd en de kiemzaden hadden mooie donkergroene kiemblaadjes ontwikkeld. Klaar om geoogst te worden. Ook de tuinkers kon alweer geoogst worden. Links op de foto zien jullie alfalfa. We concludeerden dat teveel zaadjes op de kweekmatjes resulteert in slechte kieming.
Een andere conclusie die we trokken was omtrent de taugé. Want die groeide prachtig, maar wel met groene blaadjes. Eh… taugé is toch wit? Een witte kleur komt doorgaans omdat de groente in het donker gekweekt wordt. En ja hoor, toen we het nakeken bleken zowel de taugé als de zonnebloemzaden in het donker te moeten kiemen. Hmmm… Heb je zo’n prachtige kast met led-verlichting en dan moet er een doek overheen tegen het licht. Dat is jammer. 
Maar goed, alles is nog nieuw en we moeten nog veel leren. Misschien zijn andere kiemzaden dan wel leuker om te kiezen. En binnenkort zullen we er zeker weer nieuwe moeten uitkiezen want ó, wat gaat een ‘gewoon’ zakje kiemzaden snel leeg! Tijd om op zoek te gaan naar een groothandel.
Pompoentaart
Na een treinreis met zo nu en dan een heerlijke vleug ‘verse taart’ door de coupé was ik erg benieuwd naar de smaak van de pompoentaart. Ik moest echter nóg even geduld hebben. In het recept stond dat ik de taart moest behandelen als een cheesecake. Nadat de taart voldoende afgekoeld was moest deze nog 4 uur in de koelkast staan. Daarna lag ik volgens mij inmiddels in bed.
De volgende dag kon ik dan eindelijk mijn nieuwsgierigheid bevredigen. Met zijn drieën gingen we het resultaat beoordelen.
De foto bij het recept toonde een knaloranje taart. Echter, als ik ‘2 theelepels speculaaskruiden’ in het recept zie staan, dan neem ik natuurlijk twee zeer royale theelepels. Net als kaneel kan een taart niet teveel speculaaskruiden bevatten is mijn mening. Waarschijnlijk kwam het resultaat dichter bij 4 theelepels dan bij twee. Met tot gevolg: een bruine taart in plaats van oranje.
De meningen over de smaak waren verdeeld. Ten eerste moet je
wel een beetje van cheesecake houden. Hoewel de smaak kruidiger is, blijft het een vochtige, lobbige taart vergelijkbaar met cheesecake. Niet iedereen vindt dat lekker.
Ten tweede kun je er beter niet bij vertellen dat het pompoentaart is. Sommige mensen hebben dan al bij voorbaat de neiging om af te haken. En dat terwijl ik de pompoen niet heb geproefd. Ik proefde vooral speculaaskruiden en dat beviel me wel 🙂 Ik vind het recept zo gek nog niet, al denk ik wel dat het snel gaat vervelen. Ik geef het een 6,5.
O, ik bedenk me opeens dat ik alles van het recept door twee heb gedeeld. Behalve de speculaaskruiden. En dan een royale hoeveelheid erin gooien… Misschien had ik de taart beter ‘speculaastaart’ kunnen noemen.
Week van de pompoen
Van die grote pompoenen die ik heb gekweekt kun je héél wat maken. Enig nadeel is dat het vrij snel achter elkaar gemaakt moet worden. Is de pompoen eenmaal aangesneden dan is deze nog maar beperkt houdbaar. Dus was ik deze week actief in de weer om de pompoen te verwerken. Na twee flinke pannen soep werd het tijd voor wat variatie. Taart! Andere jaren heb ik ook wel eens pompoentaart gemaakt, met wisselend succes. De kunst is om de taart geen weeïge smaak te laten krijgen want dan is de interesse in pompoentaart snel verloren.
Vandaag probeerde ik een nieuw recept. Het stond in de krant maar komt oorspronkelijk uit ‘Lekker Miljuschka’. De taart schijnt wat te hebben van een cheesecake.
Eigenlijk had ik weinig tijd om te bakken maar ik wilde dit nieuwe recept graag eens uitproberen. De pompoen is nu tenslotte aangesneden. Bovendien kan ik dit weekend de taart met anderen opeten, dat vind ik veel leuker dan alleen. Het resultaat was dat de taart in een kwartier (buiten) moest afkoelen en ik vervolgens een hele trein lekker heb zitten maken.
Nu hopen dat de taart ook zo lekker is als dat ‘ie ruikt!
Plant met een luchtje
In december kreeg ik een hyacint cadeau. Een net uitkomende bol, leuk om het voorjaar alvast mee in huis te halen. Ik houd van bloembollen. Zonder dat je het kunt zien zit een bol boordevol voeding en groeit het vanzelf uit tot een bloeiende plant. Het wacht alleen nog op de juiste temperatuur om te kunnen beginnen. En zo kun je voorjaarsbollen een beetje voor de gek houden en jezelf alvast een voorproefje geven op de lente.
Deze hyacintenbol heeft me echter nóg een voorproefje gegeven. Of het nu aan mijn flinke verkoudheid lag of dat de plant al vóór de bloei een luchtje verspreidt, ik weet het niet. Wel weet ik dat ik sinds de komst van de hyacint spontaan veel moest niezen. En dat hyacinten bij nogal wat mensen voor allergie zorgen.
Sindsdien staat de pot buiten. Nog geen voorjaar in huis. Wél veel langer plezier van de bol, al is het dan vanachter glas.
Muskaatpompoensoep
Vandaag ben ik maar eens begonnen met het aansnijden van een muskaatpompoen. Al enkele maanden liggen er drie te rijpen in de slaapkamer. Erg veel verkleuren ze niet, maar misschien gebeurt er vanbinnen wel iets. Ik weet inmiddels uit ervaring dat de muskaatpompoen ook prima gegeten kan worden als de schil nog grotendeels groen is. Voor de mooie oranje soep haal ik de groene schil er wel af. In tegenstelling tot de meeste pompoenen, is deze soort gemakkelijk te schillen. De schil gaat er net zo gemakkelijk af als bij een appel. De pompoen is relatief zacht en gemakkelijk te snijden.
Terwijl ik dit stukje typ ploppen achter mij de potjes door het vacuüm trekken van de deksels. Ik heb al enkele keren geprobeerd om soep in te maken. Het is niet zolang houdbaar als jam in potjes, maar enkele maanden redden ze wel. Ideaal. Zo hoef ik de soep niet in te vriezen én ik hoef er niet tijdig aan te denken om de soep weer úit de vriezer te halen. En wie weet kan ik nog wat mensen interesseren voor zelfgemaakte pompoensoep tegen een zacht prijsje. Zo verdiend het zaad zichzelf weer terug.
Vijgenboom II – snoeien
Vandaag een stukje over het snoeien van een vijgenboom. De beste tijd om de vijgenboom te snoeien is in november tot februari, tijdens de rustperiode van de boom. Bij het snoeien scheidt de boom melksap (wit) uit, dit kan irriterend zijn voor de huid.
Snoei dode en zieke takken terug tot op één knop, net als de takken die geen vrucht dragen. Verder kun je kijken naar kruisende takken, deze belemmeren elkaar namelijk in de groei. Zorg ervoor dat de boom ‘luchtig’ is. De ruimte tussen de takken zorgt ervoor dat het licht goed bij de bladeren kan komen.
Waar je verder nog op moet letten:
- Veel snoeien zorgt ervoor dat de boom veel nieuwe scheuten zal aanmaken. Deze zijn kwetsbaar in de volgende winter. Vind je de boom toch te groot worden dan kun je er ook voor kiezen om de wortels af te steken. Neem vanaf de stam een halve tot één meter afstand en steek daar de wortels met een spade door. Deze klus kun je ook in de zomermaanden uitvoeren.
- De boom draagt vrucht op het hout van dat jaar. Knip dus niet de jonge, uitgerijpte toppen met aankomende vruchtjes erop weg.
Dit is in het kort hoe je de vijgenboom kunt snoeien. Op de site wikihow.com is heel uitgebreid uitgelegd hoe je te werk kunt gaan en waar je op moet letten. Wil je extra informatie neem dan vooral daar even een kijkje, de link staat hieronder.
Dan is er ook nog de vraag of je een vijgenboom kunt stekken. En ja, dat blijkt te kunnen! Er zijn verschillende methodes voor. Ik heb er geen ervaring mee en verwijs de liefhebbers graag door naar de volgende site: www.vijg.nl
Gebruikte websites voor het maken van dit blogstukje:
- http://nl.wikihow.com/ –> duidelijke, overzichtelijke uitleg over het snoeien van de vijgenboom over meerdere jaren.
- www.bergerie.nl
- www.vijg.nl –> prettig leesbare site met veel nuttige informatie





