De bestuiving van de paprikaplant

De poll over de bestuiving van de paprikaplant is weer ten einde. Uiteraard zit een ieder vol smart te wachten op het juiste antwoord 😉 Het antwoord leek mij gemakkelijk te geven: De paprikaplant kan zichzelf namelijk gemakkelijk bestuiven.  Echter, na nog even wat beter onderzoek kom ik erachter dat bijen en hommels regelmatig worden ingezet bij de bestuiving. Ook mieren kunnen voor bestuiving zorgen. En soms hangt het van het ras af welke bestuiving je het liefste hebt, bij sommige soorten zorgt bestuiving door hommels namelijk voor te grove vruchten. Op deze manier zou je kunnen zeggen dat alle gegeven antwoorden van de poll juist zijn 😉

paprikaplantHeel kort door de bocht genomen: een paprikaplant heeft geen insecten nodig om bestoven te worden, het kan zichzelf nog makkelijker bevruchten dan dat tomatenplanten dat doen. De meeldraden van de bloem zitten vlakbij de stamper waardoor er maar weinig nodig is om de bevruchting tot stand te brengen.

paprikaDesondanks heeft bestuiving door hommels in de landbouw wel de voorkeur. Er is namelijk nog een bijzonder aangenaam effect bij het werk van deze beestjes: vermindering van allergie. Huh? Ja, er is bewust onderzoek naar gedaan aangezien veel paprikaplukkers last hebben van allergische reacties. Dit wordt veroorzaakt door het stuifmeel. Bij bestuiving door hommels wordt dit stuifmeel meegenomen waardoor er minder allergische reacties optreden. (Lees hier het gebruikte artikel: Bestuiving met hommels vermindert allergie)

Laatst kreeg ik van mijn bezoek een paprikaplantje. De paprika’s zaten er al aan en de eersten heb ik al opgegeten. Ik heb geen idee welk soort het is, ik vermoed dat het een soort is die klein blijft maar wie weet gaat het nog de hoogte in als het eenmaal in de kas staat.


Gebruikte websites:

 

Vogelhotel?

P_20160401_190938Het vogelhuisje van de buren is in gebruik genomen. 11 maart schreef ik dat er regelmatig pimpelmezen te zien waren maar dat ik nog niet wist welk vogelhuisje ze zouden kiezen. Na verloop van tijd werd het wel duidelijk. De mezen vlogen af en aan met takjes en het huisje ging er zelfs een beetje scheef van hangen. Ik verwisselde mijn vaste plekje aan tafel met die aan de overzijde zodat ik tijdens het eten het gefladder mooi kon bekijken.

Helaas is het de laatste tijd nogal rustig. Niet dat ze niet meer komen maar het lijkt me dat ze te weinig komen om hun nestje af te bouwen en te gaan broeden. Het is begonnen met het mooie weer. Plotseling zat ik regelmatig op mijn balkon en ook de deur van de buren stond vaker open. Voor zover ik weet hebben de buren amper op het balkon gezeten maar het lijkt de pimpelmezen toch afgeschrikt te hebben. Zo nu en dan zie ik ze weer eens het huisje in wippen. Zouden ze het als hotel gebruiken en ergens anders een broednestje aan het bouwen zijn?

Op de site van de vogelbescherming lees ik dat pimpelmezen van maart tot juli broeden, 2-3 keer eieren leggen en dat ze wel 8-14 eieren leggen per keer. Hoe dat allemaal in dat kleine huisje moet passen weet ik ook niet, maar blijkbaar weten de meesjes er wel raad mee 😉

Maten opnemen

DSCN2159Precies op het goede moment was ik in mijn tuin om de maten op te nemen voor het te bestellen glas. Vandaag heeft het hier bijna de hele dag gesneeuwd (natte sneeuw) maar gister had ik een mooie blauwe lucht met een lieflijk zonnetje. (hé, op de foto’s niet te zien, zou ik het wat te rooskleurig onthouden hebben?)

Hoewel ik natuurlijk druk bezig ben geweest met het helpen opbouwen van de kas kwam ik tot de ontdekking dat ik geeneens ín de kas ben geweest toen deze af was. Gister voor het eerst en sjonge… ik kreeg er ontzettend veel zin in om erin aan de slag te gaan!

DSCN2160Maar eerst dus nog passend glas. En… passende clipjes! Want dat is me tot nu toe ook nog niet gelukt helaas. Ik heb al verschillende besteld en in huis gehad maar ze bleken allemaal niet te passen. De haakjes waar het glas in ‘gelegd’ wordt passen gelukkig wel maar de clipjes om het glas vast te zetten voldoen niet. Lastig want tot nu toe heb ik ook nog nergens iets gevonden wat lijkt op die van mij. Dat is dan weer het nadeel van een tweedehands kas. Ik heb nog even de tijd om verder te struinen. In ieder geval ben ik al een vaste klant van www.tuinkassenwinkel.nl aangezien die veel accessoires heeft voor tuinkassen. Een aanrader voor een ieder die een kas heeft.

Amaryllisbol

Van een vriendin kreeg ik een uitgebloeide Amaryllisbol. Raar cadeau zou je zeggen, maar nee, het is juist iets wat ik graag wilde hebben omdat ik eens wil proberen zo’n bol over te houden en het de volgende winter weer te laten bloeien. Talloze uitgebloeide Amaryllissen worden weggegooid terwijl veel narcisbollen in de grond worden gestopt om er nog jaren van te kunnen genieten. Zou dat bij een Amaryllis niet net zo goed kunnen?

De bol staat al enkele dagen in huis en ik begin me af te vragen of ik de bol ook in de aarde moet zAmaryllisetten en water moet geven of dat water geven de bol juist laat rotten. Voor al die vragen is er uiteraard internet. Genoeg kwekers die mij tips willen geven voor het overhouden van een Amaryllis.

Het stappenplan is als volgt:

  • Na de bloei de steel tot enkele centimeters boven de bol afsnijden. Deze steel vraagt namelijk teveel energie. De bladeren moeten blijven zitten.
  • Mocht de bol nog niet in aarde staan: zet deze in de aarde en geef zo nu en dan wat water.
  • Aangezien de bol niet tegen vorst kan moet deze in de wintermaanden binnen blijven staan, erna kan het echter naar buiten. Je kunt de bol in de tuin planten.
  • Tegen de tijd dat het weer begint te vriezen en de bladeren vergelen haal je de bol weer uit de aarde. De bladeren mogen eraf (en eventueel de buitenste laag van de bol) en de bol moet 5-6 weken drogen.
  • Hierna kun je de bol weer in een pot met aarde doen en bij het aanmaken van het blad ook weer water geven. Mocht je nu al weten dat je (wederom) de bol wilt overhouden dan helpt het om de de wortels in te korten. De bloemstelen worden dan wel minder lang.

Deze informatie heb ik verzameld van verschillende websites, voor meer informatie kun je daar nog een kijkje nemen:

De takken van de Gojibes

plant goji gojibes

De bestelde plant is gearriveerd: de gojibes, in Nederland ook wel bekend onder de naam Boksdoorn of Chinese wolfbes. Op dit moment is de plant in rust en dat is het beste moment voor een kweker om de plant te versturen naar klanten. Nadeel is wel dat de plant er dan ook niet zo florissant uitziet. Ik zie alleen wat kale takjes. En gelukkig een heleboel wortels. Ik neem aan dat de plant hevig verlangt naar wat meer ruimte voor zijn wortels dus hoog tijd om een beetje op onderzoek te gaan naar de verzorging van deze struik. Voor ik deze plant had uitgekozen had ik al even gecheckt of het in Nederland wel een beetje wil groeien en dankzij mijn kas die bijna op mijn tuin staat hoeft het geen probleem te zijn. De plant heeft namelijk het liefst een onverwarmde kas en bij het opgroeien kan de plant op den duur tot 12 graden vorst overleven.

De plant wil een pot van 30 cm diepte en kan, doordat de wortels mooi diep kunnen groeien, zo goed tegen wat droogte. De grond kan het beste droog, luchtig en voedselarm zijn en ietwat zuur. Regelmatig snoeien (in het voorjaar) stimuleert de groei van grotere bessen. De eerste vruchten komen pas in het 2e jaar. Ik hoop dat deze plant dus dit jaar al wat zal produceren want ik ben reuze benieuwd. Op een site waar ik de informatie vandaan heb gehaald staat een heel loflied geschreven over de prachtige gezonde eigenschappen van de gojibes. Nu ben ik vaak wel wat sceptisch over het zogenaamde ‘superfood’ maar in een gevarieerd dieet kan het natuurlijk een gezonde toevoeging zijn.

Jullie zullen nog wel meer horen over deze struik, bij het verschijnen van de paarse bloemetjes of de rode, langwerpige vruchten.

Sites over Goji-bessen kweken:

Vermiculiet II

vermiculietGister schreef ik al wat over vermiculiet. Inmiddels heb ik het eerste in gebruik genomen om in voor te zaaien. Het boek ‘de Makkelijke Moestuin’ beschrijft echter ook hoe je dit kunt gebruiken om het hele jaar door in te tuinieren. In dat geval gebruik je het in het mengsel van turfmolm, compost en vermiculiet. Hoewel je voor beide vermiculiet nodig hebt, is het niet precies hetzelfde wat je gebruikt. Zo heb je voor het zaaien fijne vermiculiet (F2. 0-3 mm) nodig terwijl je in de moestuin gebruik maakt van de grove deeltjes (M3, 0-5 mm).

Het bakje wat ik vorig jaar van een andere tuinder kreeg bevatte het fijne van het mineraal. Maar het lijkt me leuk om op mijn balkon een bak te maken met de vruchtbare mix om eens uit te proberen of het nu echt zo fantastisch werkt zoals in het boek beschreven wordt. Dus ging ik op zoek naar een verkooppunt van vermiculiet.

Op de website www.makkelijkemoestuin.nl staan alle locaties aangegeven waar je dit spul kunt krijgen. Het zijn veelal particulieren die het in grote hoeveelheden aanschaffen en dit doorverkopen maar ik heb het geluk dat ik bij de Intratuin in de buurt terecht kan. Dat betekent ruime tijden om het op te halen. Op de meest regenachtige dag van deze winter vertrok ik op de fiets om een half uur naar de Intratuin te fietsen. Wonderwel vond ik het nog heerlijk ook 😉 Ik had geluk, er was nog net een beetje. Het schijnt nogal populair te zijn en vliegt de deur uit. Ik had verwacht met een variant op de 40-literzak compost de deur uit te gaan, maar het waren slechts kleine zakjes: 6 liter per zak. Dat is maar vast in huis. Nu kan ik aan de slag met een bak waarin ik wil gaan kweken of het gereed maken van bestaande bakken door het te vullen met het vruchtbare mengsel.

Voor wie geïnteresseerd in dit bijzondere mineraal: er is nog veel meer over te lezen op de website www.makkelijkemoestuin.nl. Er is daar ook een interessant filmpje te bekijken over hoe de vermiculiet gebruiksklaar gemaakt wordt, het ziet er werkelijk uit als het maken van popcorn 😉 Of kijk eens op de site van het bedrijf dat de vermiculiet klaarmaakt: Pull BV

Nieuwe aanwinst

bougainvilleNa mijn verschillende blogberichten over kamerplanten zou je je gaan afvragen of iemand mij nog een plant cadeau durft te geven. Onduidelijke signalen (wel of geen variatie), lage kamertemperatuur, de mogelijk hoge slagingskans bij het stekken, wat voor plantje moet het dan toch worden?

Laatst kreeg ik een plantje cadeau. Er werd me meteen bij verteld dat deze te stekken is want diegene had het zelf gestekt en gaf mij het resultaat. Om mij nog het plezier te gunnen van het stekken waren er juist nog twee kleine takjes in de pot bijgezet zodat ik het proces kon volgen. Deze soort heb ik nog niet en dat is erg leuk. Bovendien hebben zelfs de nog kwetsbare stekjes mijn kamertemperatuur overleefd wat de plant zeer welkom maakt.

De naam is: bougainville. Het is een plant die oorspronkelijk uit Brazilië komt en die hier prima gedijt mits het warm kan overwinteren. Handig, zo’n plant die in de winter gezellig binnen staat en in de zomer mijn balkon komt opfleuren. Voor zover ik weet heeft de soort die ik heb gekregen roze bloemetjes.

 

Voor wie wat meer wil weten over deze plant valt er genoeg te lezen op internet. Hieronder twee tips:

Organische stof

Ik heb al verschillende keren geschreven dat het toevoegen van organische stoffen aan je tuinaarde belangrijk is. Maar wat is het eigenlijk precies? En wat is de functie ervan? Vandaag het beloofde blogbericht hierover.

Organische stof is de verzamelnaam voor alles wat zich in de bodem bevindt, meestal wordt echter met name het dode plantenmateriaal, mest, bacteriën en schimmels bedoeld.

De hoeveelheid organische stof in de grond is een belangrijke indicator voor de vruchtbaarheid. Een overzicht van de functies ervan:

  • het versnelt het opwarmen van de grond (doordat de grond een donkerdere kleur heeft)
  • het vermindert het wegspoelen van voedingsstoffen
  • het verbetert het doorlaten en vasthouden van water
  • het laat water én lucht beter in de grond, dit is goed voor het klimaat van het bodemleven
  • het zorgt voor voedingsstoffen in de grond
  • het stabiliseert de zuurtegraad van de grond (bij zure grond heb je bijvoorbeeld meer mosgroei)
  • het houdt meer CO2 vast dan de lucht, het gaat opwarming van de aarde tegen
  • het is de enige voedingsbron voor het bodemleven
  • de toename van bodemleven door het organische materiaal verlaagt de gevoeligheid voor ziekte

Er vallen hele boeken te schrijven over organische stof, maar dat laat ik aan anderen over. Voor mij is het genoeg om een beetje te weten wat het doet en waarom het zo belangrijk is om het aan mijn tuin toe te voegen.

 


De informatie voor dit blogbericht heb ik gevonden in de brochure van Department Leefmilieu Natuur en Energie (lne), op pagina 39 van deze brochure kun je de samenvatting van het gehele artikel vinden. www.lne.be

Overige informatie vond ik op www.kennisakker.nl

Boontjes

DSCN0160Ik heb inmiddels al een kwart van een literbak gevuld met droogbonen. Op de foto zien jullie van links naar rechts de Wieringerboon, de yingyangboon en de citroenboon. Tussen de bonen die nog liggen te drogen heb ik ook nog de kievitsboon, deze is blijkbaar later klaar in het jaar want de bonenplanten zijn voor een deel ook nog groen.

Nu het najaar is duik ik voor mijn blogstukjes ook weer wat meer het internet op. En voor deze droogbonen is dat wel handig want ik ben wel benieuwd wat het verschil in smaak is en voor volgend jaar weet ik graag van tevóren of het klimbonen of struikbonen zijn 😉

Even een kort overzicht:

Je hebt stambonen en je hebt stokbonen. De stambonen blijven laag en hebben geen steun nodig. De stokbonen kunnen wel 2,5 meter hoog worden en hebben behoefte aan een stok.

  • Wieringerboon: stamboon
  • Yingyangboon: de plant blijft laag (stamboon) en de bonen worden bruin door het koken.
  • Citroenboon: eveneens een stamboon. Deze naam wordt al snel gegeven aan een citroengele boon, de echte citroenboon is nogal moeilijk te verkrijgen, ik zal wel een ‘soort van’ hebben 😉 Qua smaak lijkt deze boon op de witte boon, het heeft een iets stuggere schil
  • Kievitsboon: stamboon, deze boon wordt bruin door het koken

Voor een beschrijving en eventuele aanschaf van deze en nog vele andere droogbonen is de volgende site handig om eens te bekijken: http://www.levenvanhetland.nl/boon.htm

Voor een uitgebreide uitleg over het telen van bonen, zowel sperziebonen als droogbonen, kun je eens kijken op: http://www.mooiemoestuin.nl/groenteteelt/peulgewassen/boontjes/ DSCN0158

Groenbemester I

phacelia - bijenvoer - groenbemesterSinds ik Phacelia (ook wel Bijenvoer genoemd) eens in mijn tuin heb gehad valt deze niet meer uit mijn tuin weg te denken. De plant is een paradijsje voor de hommels, helemaal in het vroege voorjaar wanneer er nog niet zoveel te eten is voor ze. Naast het voeden van hommels is het ook nog eens een mooie plant om te zien, de bloemen maar ook de blaadjes als de zaden net ontkiemd zijn. En tenslotte is het een groenbemester.

Al eerder in mijn moestuin-carrière heb ik me globaal wat verdiept in groenbemesters (artikel: wat is het ook alweer?) waarbij ik een interessant en informatieve website tegenkwam. Het was me echter veel te complex om dat toen verder uit te zoeken. Wat mij betreft was het al voldoende dat ik wist dat de mooie plant ook nog nuttig was voor het losmaken van de harde klei. En zo stimuleer ik het dat de plant zich uitzaait en zaai ik steeds meer vakken in met de Phacelia.

Inmiddels ben ik bijna 2 jaar verder met mijn moestuin en vind ik het interessant om me er verder in te verdiepen. Er zit namelijk nogal een verschil tussen de soorten groenbemesters en ik heb er een aantal wat nader onderzocht en schrijf er vandaag en morgen een stukje over.

Vandaag een overzicht van de functies van een groenbemester:

  • grondbedekking: dit gaat onkruid tegen (waar een plant groeit is minder ruimte voor andere planten) en zorgt er ook voor dat de grond minder gevoelig is voor weersinvloeden.
  • grond losmaken: de wortels van de plantjes maken de oppervlakkige of diepere grond losser (afhankelijk van de soort groenbemester die je kiest)
  • het vasthouden van voedingsstoffen (het gaat uitspoeling van voedingsstoffen tegen)
  • organische stof: als de plant na verloop van tijd onder de grond wordt gewerkt komt er meer organische stof in de aarde. Dit heeft vele voordelen, het zorgt onder andere voor betere drainage en voedingsstoffen in de grond. (Ik heb een mooi document gevonden waarin heel goed wordt uitgelegd wat het belang is van organische stof. Een blog daarover houden jullie nog tegoed.)

Vooral het toevoegen van organische stof aan mijn tuinaarde vind ik belangrijk. Dat is ook de reden waarom ik liever compost gebruik dan kunstmest. Nadeel is wel dat het veel duurder is en ook nog eens heel veel sjouwwerk. Vandaar dat ik me verdiep in groenbemesters. Zaad is zo zwaar nog niet 😉

Morgen zal ik een aantal groenbemesters toelichten.